Nadere toelichting op het door fractie genomen besluit om per direct uit de coalitie te stappen.

(Uitgesproken in de gemeenteraadsvergadering van 4 juli 2016).  


Voorzitter, geachte leden van de raad, 


De VVD fractie is aan u in deze setting een nadere toelichting verschuldigd op het dinsdag jl. door onze fractie genomen besluit om per direct uit de coalitie te stappen.
Dit besluit is na rijp beraad genomen. Aanleiding was de steun van twee coalitiepartijen aan een motie, waardoor deze door de raad kon worden aangenomen. Daarmee werd het college een taak opgedragen waarvan de verantwoordelijk wethouder daarvoor expliciet had aangegeven, dat deze niet uitvoerbaar was.

De VVD betreurt het vertrek van Laura. Ze heeft dat net op de voor haar zo kenmerkende aan de raad te kennen gegeven. Wij kennen haar als een uitstekende wethouder, en sterken ons met de gedachte dat wij niet de enigen zijn die dat hebben gezien. Wij maken ons dan ook geen enkele zorgen over haar toekomst.

De VVD heeft in 2014 desgevraagd door de overige vier collegepartijen bewust gekozen tot deelname aan het college ondanks het verlies van twee zetels in de daaraan voorafgaande gemeenteraadsverkiezingen. Gelet op dit verlies paste de VVD bescheidenheid.

Bewuste deelname omdat de VVD een partij is die bestuursverantwoordelijkheid niet uit de weg gaat, wanneer het aankomt op het nemen van ingrijpende besluitvorming. En daarvan was sprake. Op gemeentelijk niveau moest een drietal decentralisaties in het sociaal domein worden geïmplementeerd waartoe de wetgever op voorstel van het kabinet, waarvan de VVD deel uitmaakt, had besloten. De VVD zag het als een opdracht om het beleid van dit kabinet op lokaal niveau tot een succes te maken en dat is ook gelukt en grotendeels voltooid ondanks een moeizaam tot stand gekomen coalitie en een bestuurlijk onrustige bestuursperiode de afgelopen twee jaar.

Nadat het coalitieakkoord tot stand was gekomen heeft de VVD als relatief kleine partij in het college zich steeds constructief opgesteld en loyaal meegewerkt aan de uitvoering van dit akkoord. Vele thema's zijn gepasseerd die in politiek Gouda de nodige commotie teweeg hebben gebracht. Daarbij kan worden gedacht aan de discussies rond de wijkteams, de rioolheffing, Koudasfalt, enz.

De fractie heeft in het afgelopen halfjaar een trend waargenomen,waarbij in coalitieverband soms moeizaam tot stand gekomen compromissen door het college als besluiten aan de gemeenteraad werden voorgelegd. Deze compromissen werden na besluitvorming in de raad door middel van inbreng of ondersteuning van moties door andere collegepartijen alsnog in een andere minder liberale richting omgebogen / "gecorrigeerd" werden. In het resultaat kon de VVD zich dan niet meer herkennen. Die constateringen van de fractie werden bevestigd door signalen uit de eigen achterban. De VVD was als coalitie qua inhoud steeds minder herkenbaar als medebestuurder van de stad.

Dit bereikte een climax op woensdag 22 juni jl. toen zoals inmiddels bekend twee coalitiepartijen een motie vanuit de oppositie aan een meerderheid hielp en daarmee de VVD wethouder ineen moeilijk pakket bracht.

Daarnaast heeft de VVD ingestemd met besluiten die zíj zelf anders zou hebben gewild, wanneer getalsmatig de invloed groter zou zijn geweest. Dat ligt in een coalitie als deze natuurlijk voor de hand en kan dan ook nooit een hoofdreden zijn, maar naarmate deze collegeperiode vorderde ontstond bij de fractie in toenemende mate de opvatting, dat van hetgeen werd gerealiseerd steeds minder herkend werd als specifiek liberaal beleid, dat dankzij inbreng van de VVD was gerealiseerd. Dit bleek des te meer uit de midterm-rapportage van het college. De fractie heeft meerdere keren intern en extern laten merken zich steeds minder thuis te voelen in deze coalitie.

De VVD zag zich steeds meer als partij, die diende om de coalitie aan meerderheden te helpen in de raad. Daarvoor zijn de leden van de fractie niet gekozen. De fractie heeft niet lichtvaardig besloten tot deze stap. Alle opties zijn tegen het licht gehouden en uiteindelijk was het onvermijdelijk om de band met de coalitie los te laten.

Ronald Verkuijl fractievoorzitter


Ontstane situatie na het aannemen door de raad van de motie van wantrouwen van de oppositie

De VVD fractie heeft eerder aangegeven dat de steun van twee coalitiepartijen aan een voor verantwoordelijk VVD-wethouder Laura Werger onuitvoerbare motie van de ChristenUnie de directe aanleiding was voor het opstappen van de VVD uit deze coalitie. Het functioneren van het college als geheel was daar geen directe aanleiding voor. In de dagen na het besluit van de VVD om uit de coalitie te stappen bleek echter al snel dat andere opties, zoals deze ook door de coalitie als optie A en B zijn aangedragen, niet zouden leiden tot een snelle oplossing van de problematiek. Voor de langere termijn wilde de coalitie doorgaan als minderheidscoalitie (optie A) of zou gaan proberen de coalitie uit te breiden met één of meerdere nieuwe partners (optie B). Er zou met één of meerdere (externe) verkenners gewerkt gaan worden. Mocht dit niet lukken dan zouden we in september weer terug bij af te zijn. De VVD fractie was van mening dat dit de bestuurlijke crisis slechts zou uitstellen en zo zelfs nog zou verergeren als de bestuurlijke druk na het reces weer toeneemt. Dit heeft de VVD al voor het afgelopen weekend binnen de coalitie bekend gesteld.Daarom stemde de voltallige fractie van de VVD voor de door de oppositie ingediende motie van wantrouwen.  

Ronald Verkuijl, fractievoorzitter VVD Gouda